Foto: Pauline Aarts

Afscheid van een krant

Bespiegelingen met Marcel de Jong

De eerste Nederlandse papieren krant verdwijnt in 2024 en in 2035. Dat was de voorspelling van de zender RTL Z, een aantal jaar geleden. Ze zaten ernaast. Al dit jaar verdwijnt de eerste papieren krant. Helaas is dat lot beschoren aan de Delftse Post. Inderdaad, u leest het goed. Deze krant, het weekblad waar ik jarenlang een column voor heb geschreven. De krant die in 1888 (echt waar) werd opgericht en tot een aantal jaar geleden volgens officiële statistieken de meest gelezen krant in de stad was. 

Ik betreur de teloorgang van de Delftse Post. Weer verdwijnt een platform waarop lokaal nieuws te lezen valt. Iets wat ik belangrijk vind. Hoe meer informatie de mensen krijgen over hun directe omgeving, hoe beter ze in staat zijn weloverwogen te stemmen en controle uit te oefenen op de politiek, overheidsinstanties en het handelen van de politie. De toeslagenaffaire heeft bewezen hoe belangrijk de media zijn om de overheid kritisch te kunnen volgen. Hoe belangrijk de pers is om zicht te houden op het optreden van politie tijdens demonstraties of de wijze waarop ze de bevolking bejegenen. Hoe belangrijk kranten zijn om feiten boven water te halen over de effecten van politieke keuzes. Deze rol van met name lokale media als de Delftse Post is des te wezenlijker omdat de nakende omgevingswet het aantal inspraakmomenten voor burgers behoorlijk zal beperken. Straks moet je snel je mening geven over maatschappelijke ontwikkelingen, want een derde of vierde bezwaartermijn zal er niet makkelijk meer zijn. Voordat je het weet, heb je met voldongen feiten te maken.

Ook om een andere reden betreur ik het verdwijnen van de Delftse Post. Naast columns schreef ik er ook journalistieke stukken in, waarin ik op basis van feiten en onderzoek, bepaalde zaken probeerde te doorgronden. Hoe minder onafhankelijke journalisten er zijn, hoe groter de kans dat meningen zwaarder gaan wegen dan feiten. Dat wetenschap wordt gezien als ook maar een mening. Dat mensen zich terugtrekken in hun eigen bubbel van het eigen gelijk en geen meer aandacht hebben voor de belangen van anderen. Er zijn genoeg politieke filosofen die hebben gewaarschuwd dat dit bedreigend kan zijn voor het goed functioneren van de democratie. Ik zie in ieder geval een steeds giftiger sfeer in het publieke debat waarin niemand meer naar elkaar lijkt te luisteren.

Maar ik ben ook een realist. Mensen lezen steeds minder. We gaan toe naar een beeldtaal waarin de emotie overheerst. Waarin het eigen geluk vooropstaat en beschouwend vermogen en eruditie nauwelijks meer gewaardeerd worden. Is dat erg? Vind ik wel. Is het te keren? Ik denk het niet. Het is een ontwikkeling die inherent is aan de ontwikkeling van onze cultuur - van íedere cultuur, de filosoof Spengler heeft daar een prachtig werk over geschreven. Dat wil niet zeggen dat ik me maar klakkeloos bij alle ontwikkelingen neerleg. Tegelijkertijd weet ik dat mijn invloed beperkt is. 

Verder besef ik dat als er geen enkele Delftse ondernemer wil adverteren in de Delftse Post het wel heel lastig is om een krant door te laten leven. 

Ik dank u hartelijk voor al uw aandacht. Uw reacties. De discussies die u hebt gevoerd naar aanleiding van mijn columns. En ik roep u op om kritisch te blijven nadenken. Uw mening is maar een mening. Net zoals de mijne slechts de mijne was. Ik heb het meeste geleerd van de mensen die het juist níet met mij eens waren.

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden








Nieuwsoverzicht

Meer berichten