De MArkt in 1915.
De MArkt in 1915.
terug in de tijd

Terug in de Tijd: De Markt door de eeuwen heen Van grasveld tot Taptoe Delft

Henk van der Beek kijkt deze week naar de geschiedenis van de Markt. Het bekendste plein van Delft begon zijn bestaan als grasveld.

Door Henk van der Beek

Vijftig jaar geleden werd er zo over de Markt geschreven, mede door de tv-uitzendingen van de Taptoe Delft kent bijna iedere Nederlander het Delftse Marktplein. Op het programma van de toeristen die Holland bezoeken, zal zeker de 'Grote Markt' met Nieuwe Kerk en het Stadhuis niet ontbreken. Over deze twee monumenten is genoeg geschreven, meer dan over de Markt. Daarom hebben we een speurtocht gemaakt door de historie en de gegevens verzameld, waaruit de geschiedenis van het plein is opgebouwd. Daar er momenteel bovendien een (marktprobleem) bestaat, is het nuttig even stil te staan bij begin, voortgang en het heden.

Grasveld voor vee

Dat de Markt, volgens Dr. P. Ritter jr. het schoonste plein der lage landen is, vroeger waarschijnlijk een grasveld is geweest, mag vreemd in de oren klinken, maar het wordt duidelijker als men bedenkt dat de Graven dit grasveld nodig hadden voor het vee. In het midden bevond zich een waterput. In welk jaar het marktveld voor het eerst als week en jaarmarkt werd gebruikt is niet bekend. In het handvest van 1246, waarbij Delft het stadsrecht verkreeg, komt deze zin voor: 'Eveneens zal geen uitheemsch koopman (d.w.z. die buiten de stad woont, redactie) op de weekmarkt mogen staan."

Dicht op de gracht

In 1308 werd bepaald dat gestraft zouden worden diegenen, die op de Markt vechten, met de bedreiging dat dit feit zo zwaar gestraft zou worden als of het geen vrije markt was. Langs de randen werd de Markt langzaam aan bebouwd met koopmans- en bedrijfshuizen. Om het marktveld zo groot mogelijk te houden kwamen de huizen tot vlak aan de omringende grachten te staan. In het begin van de 14de eeuw heeft een der Graven de stad toegestaan om op het westelijk deel van de Markt het 'Stedehuys' te bouwen. In 1536 legde een grote brand twee derde van de stad in as, het Stadhuis werd ook beschadigd. In 1618 werd het oude stadhuis nogmaals door brand geteisterd, waarna men besloot een nieuw raadhuis te bouwen. Hendrik de Keyzer kreeg de opdracht.
Volgende week deel twee.

Reageren? Stuur een email naar redactie.dp@persgroep.nl

Meer berichten