Een foto uit het boek van Trudy van der Wees, moeder met kinderen eten van de straat.
Een foto uit het boek van Trudy van der Wees, moeder met kinderen eten van de straat.

Terug naar de hongerwinter van 1944/45

Op veelvuldig verzoek neem ik u mee naar de winter 1944 / '45. Vooral de wat jongere mensen vragen mij hoe wij deze maanden zijn doorgekomen. In oude kranten en bladen wordt er uitgebreid over geschreven, maar je moet het meegemaakt hebben om er over te oordelen.

Delft - Toen de Duitsers wisten dat zij de strijd hadden verloren, gingen zij over tot de ergste wreedheden die men zich kon bedenken. In het zuiden van het land werd hevig slag geleverd, de geallieerden rukten op naar verschillende steden, de Duitsers boden verwoed tegenstand. Het westen werd door de bezetter uitgehongerd. Alles ging op rantsoen, het was voor zieken en ouderen om van te leven. De saamhorigheid onder de bevolking was groot. Toch was er ook vrees: wie kon je in deze situatie nog vertrouwen, iedereen was bezig om te overleven.

Wij wachtten af wat er ging gebeuren. We waren bang voor een razzia; de werkelijke grote actie was op zaterdag de 9de december. Enkele duizenden Duitse militairen uit Den Haag en Rotterdam kwamen aanrijden en legden een ring rond de stad. Net niet stil genoeg om te voorkomen dat de bevolking zijn maatregelen had kunnen nemen.

Er was de avond tevoren al gemeld dat de razzia op komst was. Wij woonden met tien personen (in een klein benedenhuis in de Warmoezierstraat), waaronder twee kinderen en drie onderduikers. Toen de mensenjagers de straat in kwamen lagen zij onder de houten vloer, bij de buren werd door de grond geschoten. Wij hielden ons hart vast.

Mijn jongste zusje Nieta, 14 jaar, lag met geelzucht in de voorkamer voor het raam. Toen ging de bel en zei een man dat ons huis moest worden doorzocht. Waar mijn moeder de tegenwoordigheid van geest vandaan haalde, is me tot op de dag van vandaag nog een raadsel. Mijn moeder zei tegen hem of hij even voor het raam wilde kijken en vertelde hem dat mijn zusje een besmettelijke ziekte had. De man zag haar en schrok, hij liep naar de Duitser, die de leiding had, vertelde hem wat hij gezien had. Hij kwam terug en wenste mijn moeder sterkte. Ik werkte bij Calvé, waar ik goed te eten had en eten mee naar huis kreeg!

Meer berichten

Shopbox