Logo delftsepost.nl


Apostel Paulus door Nicolaes Verkolje naar Adriaen van Linschoten
Apostel Paulus door Nicolaes Verkolje naar Adriaen van Linschoten

De Huilebalk

Door: Jeroen Stolk

Van kunstenaars wordt wel beweerd dat zij zonderlinge, of op z'n minst opmerkelijke, persoonlijkheden zijn. Voor één kunstschilder uit de Delftse geschiedenis ging die stelling in ieder geval zeer zeker op. We kunnen Adriaen Cornelisz. van Linschoten, alias de Delftse rebel, zeker een markant persoon noemen.

Delft - Van Linschoten werd omstreeks 1606 geboren en groeide op aan het Oosteinde. Hij zal een jaar of 17 zijn geweest toen hij in de leer ging bij kunstschilder Joris van Lier. Van 1625 tot 1634 werkte Van Linschoten in Italië. Adriaen zou een leerling geweest zijn van José de Ribera. Net als zijn vader was Adriaen lid van het Delftse Sint-Lucasgilde. Hij bekwaamde zich in het schilderen van genrevoorstellingen, historie, portretten, vruchtenstillevens en vanitasstillevens en deed dat met olieverf. Weer terug uit Italië werkte Adriaen tot 1645 in Delft en vervolgens tot zijn dood in 1677 in Den Haag. Zijn vertrek uit Delft was niet vrijwillig want Adriaen van Linschoten was tamelijk rebels en kwam bij herhaling in aanraking met de sterke arm der wet. Hij werd op 1 november 1645 wegens "moetwil ende straetschenderije den tijt van 50 jaren gebannen uijtden lande van Hollant ende Westvrieslant met confiscatie van sijne goederen". In 1662 dook hij weer op in Delft en misdroeg zich opnieuw. De vechtersbaas kreeg nog eens tien jaar verbanning er bovenop. Met betrekking tot zijn rebelse gedrag doet een anekdote de ronde. Naar verluidt zou een predikant van Linschoten een opdracht hebben verstrekt voor het schilderen van een doek met een wenende apostel Paulus. Adriaen ging aan de slag en de pastoor bleek vol bewondering. Dit sloeg echter al snel om in boosheid toen Adriaen vroeg:"Wat dunk je heer predikant? Heb ik dien huilebalg niet wel getroffen?" Geïrriteerd reageerde de geestelijke:"Wel hoe! Wat's dat voor zeggen?" Van Linschoten liet zich niet uit het veld slaan en deed er zelfs een schepje bovenop met de woorden: "Wel ja: was 't niet een groote zot dat hij daarom ging huilen? Ik heb zo vaak gelogen en gezworen tegen beter weten, en heb er nooit over gehuilt." Nu was voor de geestelijke de maat echt vol. Ziedend van woede riep hij "Foei jou goddeloos mensch, nu ik dit hoor, begeer ik van jou konst niet te hebben". De opdrachtgever liet Adriaen met zijn schilderij achter. In juli 1677 overleed Adriaen Cornelisz. van Linschoten.

reageer als eerste
Meer berichten


Shopbox