Logo delftsepost.nl


Het schilderij van Adriaen Lievensz van der Poel geeft de ramp met het Kruithuis goed weer.
Het schilderij van Adriaen Lievensz van der Poel geeft de ramp met het Kruithuis goed weer. (Foto: )

Familiedrama in 'de Vergulde Lijst'

Door: Jeroen Stolk

Delftse kunstschilders

De Gouden Eeuw, de tijd van de Hollandse Meesters. Niet zelden gingen de schilder-skills over van vader op zoon, zoals het geval was bij schildergeslacht Decker. Stamvader Willem Jansz Decker was omstreeks 1551 als kunstschilder werkzaam in Gouda. Afgezien van dit gegeven is er helaas weinig over de beste man bewaard gebleven.

Delft - Toch eindigt dit verhaal hier niet, want ook zijn zoon Jan nam het penseel voortvarend ter hand. Jan werd omstreeks 1553 in Gouda geboren. Hij werd tamelijk jong weduwnaar, want zijn vrouw was reeds vóór 1585 overleden. In 1586 vond Jan een nieuwe liefde in Rotterdam en hij vestigde zich in Delft. Jan Decker werd vader van enkele kinderen, waaronder zonen Willem en Simon. Ook Willem werd schilder, huwde en stichtte een gezin. Hun woning, "het Vierendeel" genaamd, die zijn vrouw geërfd had kreeg een nieuwe naam "de Vergulde Lijst", waarmee voor een ieder duidelijk moest zijn dat hier een kunstschilder woonachtig was. In 1624 sloeg het noodlot toe; de stad werd geteisterd door de pest. Ook het gezin Decker werd niet gespaard; Willem, zijn vrouw Barbara Simons Helm en twee van hun kinderen overleden kort na elkaar. Slechts hun zoontje Jacob en dochtertje Machtelt overleefden. Jacob groeide voorspoedig op en stichtte een gezin. Zijn zonen Arent en Andries zouden een bijdrage leveren aan de wereldwijde bekendheid van het Delftsblauwe aardewerk, zij werden namelijk plateelschilder. Na hen zijn er geen schilders uit dit geslacht meer bekend en zal de schildersdynastie Decker haar einde hebben gekend. Wanneer we het schematisch overzicht van deze familie raadplegen, zien we dat er nog twee personen onbesproken zijn, namelijk Abraham en Simon. Abraham had zich als kunstschilder en kunsthandelaar in Rotterdam gevestigd. Simon was koster bij de Oude Kerk te Delft. Hij was al op leeftijd toen hij besloot dat hij zijn portret geschilderd wilde hebben. Hoewel hij uit een geslacht van kunstschilders stamde, ging hij hiervoor naar een schilder in de buurt. Deze kunstschilder had al behoorlijk naam gemaakt. Carel Fabritius was een leerling van niemand minder dan Rembrandt van Rijn. Simon was die ochtend al vroeg naar de woning van Fabritius getogen. Het zou Fabritius' laatste werkstuk worden, een onvoltooid werkstuk want om kwart voor tien in de morgen werd abrupt een eind gemaakt aan zijn jonge leven. Niet ver van zijn huis lag het zeer geheim kruitmagazijn van Holland. Bij het halen van een kruitmonster moet er iets fout gegaan zijn; een vonk van een kaars, een omgevallen lantaarn, niemand weet het precies. Met een knal die tot op Texel te horen was, werd een groot deel van de stad weggevaagd. Fabritius kwam om het leven evenals honderden stadgenoten. Ook Simon Jansz. Decker kon het gebeuren niet meer navertellen. De ramp ging de geschiedenis in als de Delftse Donderslag en inspireerde zowel kunstschilders als 's lands dichter Joost van de Vondel.

Meer berichten

Shopbox