Het huis van Valerius Röver (midden). (foto: Jeroen Stolk)
Het huis van Valerius Röver (midden). (foto: Jeroen Stolk) (Foto: )

Valerius Röver, kunstverzamelaar

Door: Jeroen Stolk

Delftse kunst

Hij werd geboren te Amsterdam alwaar hij gedoopt werd op 7 juni 1686, kunstverzamelaar en tekenaar Valerius (den) Röver. Hij was een zoon van Valerius Röver en Catharina Elisabeth Bode. Op 8 oktober 1709 trad hij te Delft in het huwelijk met Cornelia van der Dussen, telg uit een Delftse patriciërsfamilie. Het echtpaar vestigde zich op de Voorstraat en werd al snel gezegend met de geboorte van enkele kinderen.

Delft - Valerius kwam zelf uit een rijke Amsterdamse koopmansfamilie en had een grote passie voor kunst. Hij groeide uit tot één van de grootste kunstverzamelaars van Delft. Naast schilderijen verzamelde den Röver ook andere kunst, rariteiten en zo'n vierhonderd boeken. Waar het de schilderkunst betreft ging zijn voorkeur vooral uit naar schilderijen van Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Hij bezat werk van onder meer Frans Mieris de jonge, Rembrandt van Rijn, Jan Steen, Paulus Potter en Gerrit Dou.

Van Potter bezat hij een landschap met vee en van Dou een biddende kluizenaar. Hij schafte de werken aan voor 2000 gulden per stuk. Nu hangen ze in de Hermitage in Sint Petersburg. Van Rembrandt bezat hij een complete verzameling etsen. Omdat zijn woning aan de Voorstraat te klein werd om zijn verzameling in onder te brengen, kocht Valerius in 1739 een groot pand van zijn zwager Arent van der Dussen. Het pand was gelegen aan de Oude Delft (heden nr.171). Dit pand was eerder korte tijd bewoond geweest door de zeeheld Piet Heijn. Ook Valerius zou er niet lang wonen want hij overleed kort na aankoop van het pand. Behalve genoemd pand aan de Oude Delft bezat de Röver bovendien een buitenverblijf "Vlietzicht" genaamd. Ook daar had hij een deel van zijn verzameling ondergebracht. Door de aantekeningen die Röver maakte is er veel kennis bewaard gebleven met betrekking tot zijn verzameling en de achtergronden van de verzamelstukken.

Valerius was zo geboeid geraakt door de kunst die hij verzamelde dat hij besloot in de leer te gaan bij de Amsterdamse kunstenaar Cornelis Visser. Maar liefst zes jaar lang gaf de Visser tekenlessen aan den Röver. Valerius kwam in 1739 te overlijden en werd begraven in de Oude Kerk, de kerk waar hij vlak naast woonde. Met koetsen werd zijn lichaam overgebracht van zijn buitenplaats naar deze Delftse kerk. Op 27 juli 1739 werd hij er ter aarde besteld.

Na zijn dood zou zijn weduwe grote delen van zijn verzamelingen verkopen. Dit leverde over een aantal jaren vele tienduizenden guldens op (ruim fl.60.000,--). De beelden en rariteiten kwamen in het bezit van zoon Mathijs. Cornelia van der Dussen werd op 12 mei 1762 begraven, eveneens in de Oude Kerk.

Meer berichten