Thea en Ronald hebben hun plekje gevonden in Frankrijk (privé-foto).
Thea en Ronald hebben hun plekje gevonden in Frankrijk (privé-foto). (Foto: )

Thea en Ronald wonen in Frankrijk

Indebuurt.nl/delft

Door: Iris Olsthoorn

Stiekem dromen we er allemaal van: de biezen pakken, alles achter je laten en neerstrijken op een zonnig plekje in het buitenland. In deze rubriek spreken we een aantal dappere Delftenaren die het deden. Deze week zijn dat Thea en Ronald Landman, die Delft via de Achterhoek negen jaar geleden belandden in de Corrèze, Frankrijk.

Frankrijk - Thea: “Ronald en ik waren allebei leerkracht in Delft. We woonden er prachtig, maar waren op zoek naar iets rustigers. We zijn vervolgens, met een beetje pijn in ons hart, naar de Achterhoek vertrokken. Op een dag dacht ik: wat moet ik nou? Moet ik nog twintig jaar op het fietsje heen en weer naar school om les te geven? Het voelde zó voorspelbaar. Daarom besloten Ronald en ik dat we nog één keer iets avontuurlijks wilden doen met zijn tweeën. We waren al lang verliefd op Frankrijk, dus die keuze was makkelijk. De kinderen waren op dat moment al zelfstandig, we hoefden eigenlijk alleen nog voor onszelf te beslissen.”

“We gingen met het gezin ieder jaar naar Frankrijk. Elk jaar zeiden we tegen elkaar: volgend jaar gaan we de andere kant op, naar Noorwegen ofzo. Maar als het dan weer tijd was om een vakantie te boeken, hadden we inmiddels alweer zoveel heimwee naar Frankrijk, dan we tóch weer gingen. Toen we besloten om op avontuur te gaan, hebben we eerst gezocht naar een camping. Zelf zijn we echte raskampeerders. Dat bleek toch iets lastiger dan gedacht. Het zijn dus vakantie appartementen geworden. Na een tijdje vonden we dit plekje in de Corrèze. We hebben het ‘Mille Joie’ genoemd: duizend vreugden. Als je de plek ziet, snap je wel waarom. Het is een oude boerderij die we helemaal verbouwd hebben, sinds 2011 zijn onze gites in gebruik. We krijgen allerlei mensen over de vloer: gezinnen vinden ons zwembad geweldig in de zomer. Oudere mensen houden van de rust.”

“We zitten ongeveer zeven minuten rijden vanaf de grote weg (de A20). Als gasten het terrein op komen rijden, is het een en al verbazing: we zitten op de rand van een dal, waar je kilometers ver kunt kijken. Soms komen mensen hier een nachtje overnachten wanneer ze op doorreis zijn. We horen vaak ‘jammer dat we nu al verder moeten, we hadden graag nog even gebleven. Zo heel af en toe komen er nog bekenden uit Delft op bezoek. Oud-ouders die we nog kennen van toen we les gaven in Delft, bijvoorbeeld. Zelf zijn we de afgelopen negen jaar slechts twee keer terug geweest naar Delft. Ik mis af en toe wel de levendigheid van de stad, ik zou nog graag af en toe een ommetje maken en een visje halen bij de visbanken. Dat is hier toch een stuk lastiger. Maar we hebben niets te klagen. En dat avontuur opzoeken, dát is zeker gelukt. Het leven hier geven we een dikke tien!”

Dit artikel komt van indebuurt.nl/delft.

Meer berichten