Koningin Maxima tijdens een bezoek aan het distributiecentrum van de Voedselbank. (foto: ANP POOL ROYAL IMAGES ALBERT NIEBOER)
Koningin Maxima tijdens een bezoek aan het distributiecentrum van de Voedselbank. (foto: ANP POOL ROYAL IMAGES ALBERT NIEBOER) (Foto: ANP POOL ROYAL IMAGES ALBERT NIEBOER)

Koningin bezoekt Voedselbank

  Nieuwsflits

Door: Marcel de Jong

Koningin Máxima bezocht op dinsdag 19 mei de voedselbank in Delft. Ze kreeg een rondleiding in het distributiecentrum en sprak met vrijwilligers over het samenstellen en verdelen van de voedselpakketten tijdens de coronacrisis.

Delft - De Voedselbank van Delft is sinds het uitbreken van de coronacrisis gewoon open gebleven. Sterker nog: het heeft in de eerste drie weken van maart ook de taken van het distributiecentrum van Den Haag overgenomen. Met hetzelfde aantal vrijwilligers werden negen extra voedselbanken bevoorraad. Peter Vogelaar, voorzitter van het bestuur van de Voedselbank, is dan ook blij dat de Koningin is gekomen. Hij vindt haar bezoek een eer. ,,Het is een erkenning voor het harde werk van onze vrijwilligers. Zij zijn tijdens de coronacrisis keihard door blijven werken. Die instelling past bij ons. Wij willen mensen helpen en gaan daarbij tot het gaatje. Het kan niet zo zijn dat we mensen in de steek laten.” De Koningin knikt goedkeurend. Wethouder Schrederhof noemt de houding van de vrijwilligers "stoer".

Mouwen opstropen
Koningin Máxima vroeg bezorgd of de medewerkers geen risico’s nemen, met name omdat ze veelal van wat oudere leeftijd zijn. Vogelaar kon haar gerust stellen: ,,We hebben iedereen de kans gegeven om thuis te blijven. Tachtig tot vijfentachtig procent is blijven werken. Wij hebben de mentaliteit van de mouwen opstropen en gaan. Voor ieder probleem zoeken we een oplossing.”

Coronamaatregelen
De Voedselbank Delft heeft een groot aantal maatregelen getroffen om het risico op verspreiding zoveel mogelijk te voorkomen. Mensen moeten buiten op hun pakket wachten, op anderhalve meter van elkaar, hun temperatuur wordt gemeten en ze moeten het pakket zelf van een tafel pakken. ,,Het sociale aspect hebben we moeten schrappen, het drinken van een kopje koffie, kletsen met andere mensen. Dat levert te veel risico op”, vertelt Vogelaar aan de Koningin. ,,Maar het kan niet anders. We moeten geen onnodige risico's nemen."

Toenemende vraag
Sinds het uitbreken van de coronacrisis is de vraag naar voedselpakketten fors gestegen. ,,We hebben extra opslagruimte moeten huren”, vertelt Peter Vogelaar. Hij verwacht dat de vraag de komende maanden verder zal toenemen. ,,Vooral van zzp’ers en flexwerkers. In het tweede steunpakket van de overheid wordt het voor bedrijven namelijk makkelijker om mensen te ontslaan.” Hij vertelt de koningin dat ze er klaar voor zijn: ,,We hebben een stress-test gedaan. We kunnen twintig procent meer aanvragen aan.”

Veel verse groente
Ondanks de toenemende vraag, is er aan voedsel geen gebrek. Vogelaar legt uit dat ze veel voedsel van de nu nog gesloten horeca krijgen. ,,En het is hartverwarmend hoeveel individuele mensen ons voedsel komen brengen.” Bovendien blijken fondsen extra middelen ter beschikking te stellen. ,,Daarmee kunnen we voedsel aankopen en producten zoals olie en vet”, vertelt Vogelaar.

Opvallend is de grote hoeveelheid vers fruit en verse groente in het distributiecentrum. Overal staan volle kratten met druiven, aubergines, komkommers, paprika en courgettes. Het valt ook de koningin op. Vogelaar legt uit dat de Voedselbank een samenwerking is aangegaan met Rijk Zwaan, een zadenveredelingsbedrijf. Die onderzoeken hoe zij middels het veredelen van zaden op grote schaal biologische groente kunnen telen. De producten die zij in het kader van dit onderzoek kweken, mogen ze vanuit concurrentieoverwegingen niet op de markt brengen. Nu krijgen wij die producten, groente van topkwaliteit.”

Meer samenwerken
In het gesprek met de koningin brengt Vogelaar naar voren dat veel mensen met financiële problemen niet bereikt worden door de voedselbank. Ook de Koningin maakt zich daar zorgen over. Ze pleit daarom voor samenwerking tussen gemeente, bedrijven en maatschappelijke organisaties, zoals de voedselbank. Het is volgens haar belangrijk dat deze organisaties tijdig informatie met elkaar uitwisselen zodat mensen snel geholpen kunnen worden. Volgens Vogelaar kun je daarmee voorkomen dat mensen jarenlang afhankelijk zijn van voedselhulp. "Twintig procent van onze klanten maakt meer dan drie jaar gebruik van de voedselbank. Dat moeten we als samenleving echt niet willen."

Meer berichten